download link

lezing-129.pdf

(download de lezing van de maand hierboven)


Winnen en verliezen; Wisselwerking tussen het zelf
en de scheppende krachten

 

27 november 1964

Lezing nr. 129

 

“Gegroet, lieve vrienden. God zegene ieder van jullie en ook deze lezing is gezegend. Laten we vanavond direct verder gaan met de serie lezingen waaraan we op onze laatste bijeenkomst begonnen zijn.

 

We hebben toen de willekeurige ‘of/of’ begrippen besproken die bij alle mensen leven. Zij vormen precies de omheiningen die je gevangen houden. Ik wil nu één van de grootste beperkingen bespreken, een ‘of/of’ opvatting die heel veel voorkomt, namelijk dat het in het leven zou gaan om winnen of verliezen. Wie met dat idee rondloopt, heeft het gevoel dat ‘winnen’ betekent dat je hard en egoïstisch bent, over anderen heen loopt en hen kleineert. Er is geen ruimte voor het rekening houden met anderen, en ook niet voor vriendelijkheid of medeleven. Als je er dit soort gedachten op na houdt, doemt onmiddellijk de angst op om ‘de verliezer’ te zullen worden. En met verliezen wordt dan bedoeld: onzelfzuchtig zijn, opoffering, goedheid, vriendelijkheid, rekening houden met anderen. Aan beide opvattingen ligt dezelfde misvatting ten grondslag. Sommige mensen kiezen de eerste, anderen de tweede mogelijkheid, maar beiden zijn bang voor de gevolgen van hun keuze. Geen van beide keuzen is ‘beter’of ‘slechter’ dan de andere. Beiden hebben uiteindelijk hetzelfde resultaat, namelijk eenzaamheid, wrok, zelfmedelijden, zelfverachting en frustratie.

 

Wanneer twee mensen een hechte relatie hebben waarbij ieder voor één van die tegenover elkaar staande mogelijkheden heeft gekozen , met allebei een zelfde verkeerde conclusie, dan moet er in zo’n relatie wel erg veel wrijving zijn, zóveel dat ze er hopeloos van worden. Ieder neemt de ander datgene kwalijk wat hij in zichzelf vreest en bevecht. De ‘winnaar’ is net zo bang voor zijn impulsen van echte genegenheid als voor zijn zwakheid en verlangen naar afhankelijkheid. De ‘verliezer’ is bang voor zijn wraak­gevoelens en voor zijn egoïstische opwellingen want hij streeft niet alleen naar goedheid die gebaseerd is op onjuiste, beperkte opvattingen en starre uiterlijke normen, maar zijn eigen pseudo-oplossing kan heel goed een behoefte aan algehele goedkeuring van anderen zijn. Mogelijk is hij niet in staat enige vorm van kritiek te verdragen, ook als die terecht is. Wat deze twee mensen elkaar het meest kwalijk nemen is de weerspiegeling van hun eigen verborgen neiging in de andere kant van hun keuze.

 

De meeste mensen zijn wel enigszins bekend met dit onjuiste idee. Som­migen ervaren het als een algemeen, alles doordringend levensklimaat, anderen voelen het alleen op bepaalde gebieden. Het is een vaag gevoel dat, als je het precies onder woorden brengt, zou betekenen: “Ik kan het niet krijgen zoals ik het hebben wil, dus moet ik wel verliezen”, of: “Als ik niet wil verliezen, moet ik wel hard zijn, kan ik dan geen rekening met anderen houden”. Wie dat laatste voelt is er ook van overtuigd dat hij verliest als hij aan zijn behoefte aan menselijke warmte en waardering vasthoudt. Ook als hij daarmee werkelijk zou kunnen winnen, zou het een hoge prijs zijn. Maar juist omdat hij zichzelf nooit toestaat te ontspannen, zijn verdedigingen te laten varen, in het algemeen los te laten, kan hij niet ervaren dat dit idee onjuist is. Hij denkt dat hij misschien een kans heeft om te winnen, maar dan moet hij wel zijn wezen geweld aandoen. Omdat hij op die manier zeker niet kan winnen, neemt zijn negativiteit toe en begint hij aan zichzelf, aan zijn kracht en bekwaamheid te twijfelen.

 

Het is in deze fase van je padwerk van groot belang om dit subtiele klimaat dat je om je heen schept te ontdekken, een klimaat waarin je van te voren al aanneemt en verwacht dat je zult verliezen, zodat je er op een zinloze, onproductieve manier tegen vecht, of erin berust.

 

Heb je het gevoel dat je wreed moet zijn om niet een arme zielenpoot te worden? Of leg je je neer bij dat laatste, trots dat je je zo netjes gedraagt, terwijl je het alleen maar doet omdat je de wereld en de normen niet durft uit te dagen die schijnen te verklaren dat goedheid verlies betekent? In beide houdingen zijn schuld en onzekerheid onvermijdelijk. In de ene houding stel je strenge eisen aan jezelf die niet alleen onmogelijk te realiseren zijn, maar daarnaast ook schadelijk voor alle betrokkenen zijn. In de andere houding stel je eisen aan de wereld en aan andere mensen om beloond te worden voor het ‘opofferen’ van je geluk. Omdat je jezelf niet toestaat stappen te zetten om je eigen vervulling te vinden, moeten anderen die voor je zien te krijgen als dank voor jouw zelfopoffering, voor jouw ‘goedheid’. Aan zo’n eis kan niet worden voldaan.

 

Dit is een tragische misvatting. Het is zo niet-nodig het leven te beperken en te misvormen door te denken dat er maar twee even armzalige keuze­mogelijkheden zijn. Het is tragisch omdat dat wat een mens diep van binnen gelooft steeds weer waar blijkt te zijn, juist omdat hij zich gedraagt naar wat hij gelooft. Zoals jullie weten is dat met alle beelden zo, de verkeerde conclusie lijkt altijd bevestigd te worden. Wanneer de mens zijn fatsoen prijsgeeft om zijn rechten te krijgen en vervuld te worden, of omgekeerd, dan verliest hij beiden.

 

De beperkte opvatting dat slechts één van beide mogelijkheden bestaat, klopt niet. Want in werkelijkheid is het heel goed mogelijk voor je rechten op te komen, uit te reiken naar anderen en te krijgen wat je wilt, zonder hard te zijn en zonder iemand iets te kort te doen. Het is zelfs noodzakelijk om uit te reiken naar wat je wilt. Maar als je in die verkeerde conclusie gevangen zit en deze je leven beheerst en je overtuigd bent van deze waarheid, dan moet je je wel schuldig voelen als je uitreikt naar dat wat je graag wilt, want dan verspert een subtiele nee-stroom je weg.

 

Op dezelfde manier kun je zo nu en dan omwille van iemand die je lief is afzien van je eigen onmiddellijke voordeel zonder voorgoed al je rechten en voordelen op te geven. Het is echt mogelijk om Ja te zeggen tegen je eigen geluk en tóch rekening te houden met anderen. Hoe meer je op alle niveaus van je wezen van deze waarheid doordrongen bent, hoe minder kans op conflicten er zijn tussen voordelen voor jou en die voor anderen. Hoe meer je deze werkelijkheid kunt leven en je horizon verruimen, des te beter kun je de beperking dat het leven veel harder en ruwer schijnt dan het in werkelijkheid is, doorbreken. Die twee beschikbare mogelijkheden werpen werkelijk een somber licht op het leven. Allebei zijn ze even armzalig en daarom kun je niet beslissen. Geen van beiden is aantrekkelijk. De ontdekking dat deze keus niet gemaakt hoeft te worden, betekent een grote bevrijding. Bevrijding van schuld, van ongeluk, van frustratie, van zwakheid en afhankelijkheid, van de behoefte om anderen te kleineren en de baas te willen zijn, van hulpeloos wachten op iets wat anderen je nooit kunnen geven. Vrede en zekerheid zullen je vervullen als deze ruimere visie op het leven zich voor je opent en door je diepste bewustzijn wordt opgenomen.

 

Voor sommigen van jullie, vrienden, is het mogelijk om die subtiele atmosfeer aan te voelen, die diep verborgen sfeer van ‘het één of het ander’. Doordat je al verder op je pad gevorderd bent sta je nu oog in oog met dit verhulde zijn. Het is een aparte, heel bepaalde sfeer, die je hele wezen vult. Niettemin is deze niet direct toegankelijk voor je bewustzijn, tenzij je jezelf echt tot in alle diepten hebt verkend.

 

Als je je hiervan bewust bent en je bepaalde gebieden in jezelf gevonden hebt waarin je deze beperking als vanzelfsprekend aanneemt - de hopeloos­heid van de gedachte dat winnen of vervuld worden onmogelijk is - dan zul je duidelijk begrijpen waarom je in bepaalde opzichten onvervuld bent, of waarom je moeilijkheden hebt en waarom je leven zo zwaar en zo beladen met angst en spanningen is. Het is nu juist dit negatieve, verkeerde idee dat de moeilijkheden schept. Laat openlijk zien hoe je beïnvloed wordt door zo’n misplaatst denkbeeld over het leven. Vertaal je gevoelsmatige reacties wat dit betreft beknopt in woorden. Ga de betekenis ervan na en vergelijk dan het resultaat met de werkelijkheid zoals je die kent en ervaren hebt op andere gebieden van je leven, waarop je een gezondere kijk hebt en waarvan je meer vervuld bent.

 

Oog in oog komen met deze sfeer, met deze innerlijke verwachting ten aanzien van het leven, is een enorme stap in de ontwikkeling van een mens. Het volle besef van de betekenis en gevolgen van die beperkte kijk, marke­ren een belangrijke innerlijke overgang. Het gevolg van deze overgang is dat je die beperkte keuze opgeeft. Het betekent dat je de waarheid kent: dat het één het ander niet uitsluit, dat zowel liefhebben als voor jezelf opko­men mogelijk is, nee, sterker nog, ze zijn van elkaar afhankelijk. Dan kun je je de vele andere keuzemogelijkheden in elke situatie die zich voordoet voorstellen. Dan zie je hoe de waarheid in dit opzicht altijd al bestond. Dan zie je dat zonder aarzeling en schuldgevoelens uitreiken naar wat voor jou bestemd is en tegelijkertijd jezelf openen voor de ander niet langer met elkaar in tegenspraak zijn. In feite moet je dan ervaren dat je, hoe meer je jezelf openstelt voor je eigen vervulling, ook anderen toelaat en toestaat dat ook zij vervuld worden. Omgekeerd, hoe minder je het gevoel hebt dat je zelf vervulling verdient en je jezelf er voor afsluit als gevolg van je eigen onjuiste ideeën, hoe meer je automatisch anderen afhoudt van hún recht op vervulling. Dan moet je wat van anderen afpakken om zelf iets te hebben. Want hoe kun je anderen iets geven waarvan jij voelt dat je er zelf geen recht op hebt. Na deze speciale overgang ervaar je weer opnieuw de grote waarheid die afrekent met dat wederzijdse uitsluiten. Van een houding die zegt ‘het is het één of het ander’ kom je tot het besef van volheid die alles insluit.

 

Onderzoek deze neiging in je, zowel in je levensopvatting als op specifieke gebieden van je persoonlijkheid. De neiging van de mens om aan de werkelijkheid te ontsnappen is dikwijls niet gelegen in het feit dat hij de onplezierige kanten ervan niet onder ogen kan zien, maar zetelt vaak op een dieper niveau, met name waar hij bang is voor geluk, voor volheid van leven en vervulling. Teneinde persoonlijke verruiming en zelfexpressie en het geluk dat daarmee gepaard gaat te realiseren, is het nodig om je eigen innerlijke bronnen aan te boren, en diep in je ziel de bron van goddelijke kracht - met al zijn waarheid en liefde - te vinden. Maar dat lijkt zo’n onmogelijke en gevaarlijke onderneming, dat veel mensen liever blijven beweren dat het leven treurig en hopeloos is, waarbij ze zich aan anderen vastklampen voor steun en redding om toch niet helemaal ten onder te gaan. Dan kunnen zij zich vleien met de gedachte dat ze zo realistisch zijn. Het lijkt vaak realistischer om pijn en lijden te accepteren dan de mogelijk­heid open te laten om constructief en gelukkig te leven. Dat wordt maar al te vaak als niet realistisch beschouwd. Voor veel mensen is het veel moeilijker om in te zien dat het leven alles kan omvatten, dat het zinvol en mooi kan zijn, want dat vereist moed om naar de waarheid in jezelf te kijken.

 

Naar de mate waarin je de waarheid onder ogen kunt zien en begrijpen, word je een schepper, een schepper van je eigen leven, waarbij je ook het scheppingsproces van het universum voortzet. Je kunt net zover gaan als je wilt in het gestalte geven aan schoonheid, wijsheid, geluk, vervulling, productiviteit, zowel voor jezelf als voor anderen. Al naar gelang je jezelf bevrijdt van dat of/of denken, zal angst plaats maken voor waarheid en zul je jezelf ontplooien. Heel je innerlijk leven reikt ernaar uit. Je individuali­teit groeit en drukt de potentiële schoonheid van het leven uit. Je bereid­heid om het dynamische levensproces in zijn wonderbaarlijke gelukzalig­heid tot uitdrukking te brengen maken het wonder en het geluk van het leven tot werkelijkheid, immers dan ben je ontvankelijk voor de waarheid.

 

Om dit te verwerkelijken is het belangrijk dat je de juiste balans tussen jezelf en de krachten van het universum die voortdurend in ieder schep­pingsproces werkzaam zijn, begrijpt en tot uitdrukking brengt. Hoe werken deze samen met het zelf? In welke mate is het zelf erin betrokken? In welke mate zijn de universele krachten erin betrokken? Dit evenwicht is van wezenlijk belang om het scheppingsproces te laten plaatsvinden, of dit nu de schepping van een levend wezen betekent, het scheppen van een kunstwerk, een wetenschappelijk werk, de schepping van een relatie of van een speciale stijl en sfeer voor wat betreft jouw persoonlijk levenslot. Dit zijn allemaal creatieve processen en allemaal hebben zij de scheppende krachten nodig. Overal waar schepping plaatsvindt, moeten de universele krachten werkzaam zijn.

 

De mens voelt zich hier vaak verward over. Ergens weet hij of voelt hij aan dat er zonder deze scheppende krachten niets van waarde tot stand kan komen. Aan de andere kant leert iedere verlichte filosofie hem dat hij de meester van zijn eigen lot is, dat hij zijn leven moet scheppen in overeen­stemming met zijn gerichtheid, dat geluk of ongeluk het gevolg zijn van zijn persoonlijkheid, van zijn overtuigingen, houdingen en opvattingen. Weer wordt hij geconfronteerd met een of/of. Hij denkt dat hij een keus moet maken door of deze scheppende krachten buiten beschouwing te laten en louter op zijn uiterlijk denken en zijn wil te vertrouwen, hetgeen hem niet erg ver zal brengen, of door zichzelf helemaal niet te meer vertrouwen, maar de universele krachten toeschrijft aan een godheid buiten hem, die hem wel zal laten vallen. Beide mogelijkheden zijn teleurstellend, omdat zij het gevolg zijn van onbegrip, uitsluitend en beperkend denken, met als resultaat dat hij noch zichzelf noch God meer kan vertrouwen. Het evenwicht in het juiste samenspel van het denken dat het zelf bestuurt en de scheppende universele krachten raakt verstoord op het moment dat het een kwestie wordt van ‘het een of het ander’.

 

Wil je de juiste balans weten te vinden, dan moet je de functie van beiden begrijpen. Het zelf moet het goede en opbouwende willen. Ik praat hier niet in een moralistische zin over. Het kan over iedere eenvoudige menselijke vervulling gaan waar een mens ten diepste naar verlangt en die hij ook kan ervaren, als hij maar niet zo vast zat aan het idee dat persoonlijk geluk zelfzuchtig is of een prijs van hem vraagt die hij niet in staat is te betalen of die hem de moeite niet waard lijkt. Ieder wezenlijk geluk moet de uitdruk­king, de verruiming en de manifestatie van het goddelijke in zich dragen, niet alleen voor de persoon die dit rechtstreeks ervaart, maar ook voor de mensen om hem heen. Als een mens zijn wezenlijke mogelijkheden tot ontplooiing brengt, wordt alles waarmee en iedereen met wie hij in contact komt in positieve zin en opbouwend beïnvloed. Hoe intenser het contact, des te groter de uitwerking. Dit heeft betrekking op iedere vorm van geluk.

 

Het is niet genoeg om op een oppervlakkige manier vervulling te willen en dit verlangen als vanzelfsprekend te beschouwen omdat het zo voor de hand ligt. Het hebben van een wazig, mistig, onuitgesproken verlangen is niet genoeg. Alle onbewuste tegenkrachten, alle misvattingen moeten verwijderd worden. Ik heb al vaak gezegd dat hoe sterker en gespannener je verlangen is, des te meer er een onbewuste tegenstroom moet bestaan. Werkelijk op een ontspannen manier vervulling wensen is alleen mogelijk als je je onbewuste terughoudendheid, je twijfels en tegenstrijdige verlangens ontdekt en dan de stap zet om deze te verwijderen. Als je bang bent dat het je niet zal lukken, moet je ergens in je ziel op de één of andere manier bang zijn voor het resultaat. Het ontdekken van deze tegenspraak betekent een grote bevrijding en is een geweldige stap op weg naar vervulling.

 

Je vraagt misschien waarom je bang zou zijn voor geluk. Je kunt er bij­voorbeeld bang voor zijn dat je eraan verslingerd raakt, dat je door geluk de controle over jezelf verliest. Je bent misschien bang voor de verplich­tingen die het met zich meebrengt. Of je kunt er bang voor zijn dat je niet in staat bent het te krijgen of vast te houden. Het feit dat je klaarblijkelijk naar iets verlangt, sluit niet uit dat er een deel in je kan zijn dat onbewust ‘nee’ zegt tegen datzelfde iets. Wanneer ik zeg dat de bijdrage van het zelf aan dit samenspel tussen het zelf en de scheppende krachten een oprecht verlangen is, dan is dat niet altijd zo eenvoudig als het lijkt. Je moet dan echt vaststellen welke bewegingen van de ziel met dit verlangen samen­gaan. Om zover te komen moet je eerst nauwkeurig je subtiele reacties in dit opzicht onderzoeken: waar en wanneer zeg je Nee tegen dat wat je het liefste wilt; er moet een kant in je zijn die Nee zegt als je verlangen nog niet vervuld is.

 

En ten tweede moet je zo duidelijk en zo specifiek mogelijk met je hele wezen verwoorden wat je nu eigenlijk verlangt. Neem je innerlijke reacties waar terwijl je dit doet. Voel je je op je gemak als je het zo zegt of ben je gespannen en angstig? Ben je vol vertrouwen, of juist het tegendeel? Neem je aan dat het mogelijk is of denk je dat het toch nooit zal lukken? Als je door het waarnemen van je zielsbewegingen jezelf in waarheid op deze vragen antwoord kunt geven, ben je dichter bij het oplossen van dat wat je belemmert dan wanneer je dat niet wilt zien en denkt dat niets je in de weg staat.

 

Naast dit ontspannen, diepgevoelde verlangen, zonder haast, dwang, span­ning of angst, is het voor het zelf noodzakelijk om de waarheid te kennen. Speciaal in dit verband zou de waarheid zo luiden: als je op een bepaalde gebied iets heel graag wenst, maar je wens nog steeds niet vervuld is -- het kan je gezondheid betreffen, succes in je werk of beroep, een vruchtbare samenwerking, goede vrienden, verlost worden van een innerlijk probleem, of alleen maar een schakel zijn in de keten van het ontdekken tot en met het oplossen van belemmeringen of houdingen die je hinderen -- dan moet je weten dat het ervaren van vervulling bij de schepping hoort; dat er niet alleen niets destructiefs of slechts aan is, maar dat het goed en juist is voor alle betrokkenen.

 

Je moet de uitwerking ervan op jezelf en op anderen vanuit ieder denkbaar gezichtspunt bekijken om jezelf ervan te overtuigen dat jouw verlangens en streven naar vervulling opbouwend zijn. Je moet inzien dat geen enkele rationalisatie die zogenaamd verklaart waarom het voor jou niet is wegge-legd enige rechtvaardiging, logica of betekenis in zich draagt. (Je ontleent dat misschien aan een algemeen aanvaard beeld, met de daaraan gekoppel­de verboden.) Als je daarvan overtuigd bent, zal dat je verlangen sterken en je voorbehoud doen verdwijnen. Die overtuiging zal het onjuiste schuld­gevoel dat achter je gemis ligt doen verdwijnen, en zal ervoor zorgen dat je vastberaden voor je verlangen kunt opkomen, in de wetenschap dat vervul­ling ervan alleen van jou afhangt en dat je vervulling krijgt in de mate dat jij twijfel en negativiteit weet weg te werken. Houd steeds in gedachten dat de vervulling van je verlangen voor jezelf én voor anderen heilzaam zal zijn. Stel je voor hoe dit zal uitwerken. Maak je sterk om alle belemmerin­gen die je in jezelf tegenkomt, alle verkeerde ideeën die jou inperken weg te werken. In de mate dat je ontspannen bent en vastbesloten om je op die manier te blijven opstellen, nader je de vervulling. Je overtuiging en krachtige houding zijn jouw aandeel waardoor de scheppende krachten vanzelf in beweging komen. Je zult een stuwkracht ervaren die je het duidelijke besef zal geven dat je je aan dit gehele scheppingsproces kunt toevertrouwen, dat je kunt vertrouwen op je vermogen om jouw bijdrage te leveren en op het doorstromen van de scheppende krachten. In de mate dat je beiden -- jezelf én de scheppende krachten -- vertrouwt, versterk je hun invloed en dit versterkt op zijn beurt weer jouw vertrouwen. Je zet er een weldadige cirkelgang mee in beweging.

 

Bovendien is het noodzakelijk voor het zelf om weloverwogen en bewust de universele scheppende krachten op te roepen, niet alleen om je te helpen, te leiden en te inspireren tot het op je nemen van jouw taak in de samenwerking -- die ten doel heeft om alle belemmeringen en beperkingen weg te werken -- maar ook om het zaadje van jouw vervulling te laten ontkiemen. Deze krachten kunnen alleen door het bewustzijn in beweging worden gebracht. De mens heeft de keus om dit automatisch te laten ge­beuren, zodat zijn houding onbewust invloed uitoefent op de scheppende levenskracht, of om heel bewust uit te spreken in welke richting hij deze kracht wil laten werken. Het denken dat het zelf bestuurt zet zo de univer­sele krachten in werking. Zij reageren overeenkomstig de richting die het bewustzijn aangeeft. Als dit gebeurt, als de persoonlijkheid aan de nood­zakelijke voorwaarden heeft voldaan, dan hoeft verder niet meer op de scheppende krachten gelet te worden. Zij nemen het over en weten precies wat er in een bepaalde situatie gedaan moet worden.

 

In dit licht bezien is het niet meer met elkaar in tegenspraak als je enerzijds zegt dat jij verantwoordelijk bent voor je lot, en anderzijds dat krachten die buiten jouw bereik en mogelijkheden liggen het scheppende proces moeten voltooien. Dit grondbeginsel bestuurt alles. Vergelijk jezelf bijvoorbeeld eens met een tuinman. Hij moet wel de bodem bewerken, maar hij hoeft niet de plant te laten groeien. Het bewerken van je bewustzijn is net zoiets als het bewerken van de bodem door de tuinman. Het opruimen van ver­keerde ideeën lijkt op het wieden dat de tuinman doet. Als jij je blokkades verwijdert is dat net zoiets als het opruimen van stenen uit de bodem, die verhinderen dat de plant haar wortels kan uitspreiden en kan groeien. Het inprenten van juiste begrippen is hetzelfde als het uitstrooien van zaad. De juiste houding aankweken en geduldig wachten tot deze wortel schiet en vrucht kan dragen, komt overeen met de tuinman die de grond klaar maakt en oplet of er voldoende licht, vocht en voeding is. De tuinman maakt het de plant mogelijk om te groeien door zijn taak te vervullen en daarbij het scheppende proces in gang te zetten. Maar de tuinman is niet in staat een zaadje te veranderen in een bloem, een vrucht of een boom. Wil hij een speciale plant, dan moet hij een speciaal zaad zaaien, maar hij kan het niet laten groeien. Er is niets ter wereld wat hij kan doen om het zaad zich tot plant te laten ontwikkelen. Er is een scheppingsproces werkzaam waarbij zijn medewerking beslist vereist is. Er zijn bepaalde voorwaarden die alleen hìj kan vervullen, maar hij moet het verder aan de natuur overlaten om haar werk te doen.

 

De mens wenst vaak bepaalde resultaten, maar in zijn bewustzijn zaait hij het zaad voor juist het tegenovergestelde. Op zo’n moment wantrouwt hij het leven. Als hij inziet hoe hij precies datgene oproept wat hij zaait, dus ook de kwalijke gevolgen van negatieve zaken uit het verleden, dan moet dat zijn vertrouwen in het principe van het scheppingsproces versterken.

 

Hetzelfde principe geldt ook voor het genezingsproces van het lichaam. Als je jezelf in je vinger snijdt, moet je de wond uitwassen, zodat er geen vuil inkomt dat vergiftiging veroorzaakt en het genezingsproces tegen­houdt. Zo verzorg je de wond om de helende krachten te helpen hun werk te doen.

 

Bij elk creatief proces, waar dan ook, op fysiek, mentaal of spiritueel niveau, vind je hetzelfde principe, dezelfde wisselwerking. Er is altijd een groeifase, waarbij de duur afhankelijk is van het soort zaad dat werd uit­gezaaid. Hetzelfde geldt voor de geest. Als je in jezelf iets zaait en je kunt dat wat er opkomt innerlijk niet aanvaarden of wanneer al lange tijd sterke tegenkrachten hebben bestaan, dan zal de periode van ontkiemen en stille groei onder de oppervlakte langer zijn dan wanneer je iets zaait waar je bewustzijn op voorbereid en klaar voor is. De mens wordt vaak wanhopig en verliest zijn vertrouwen omdat hij de groeiperiode over het hoofd ziet, en daarbij vernietigt hij het zaadje dat hij heeft gezaaid.

 

Dit samenspel tussen het zelf en de scheppende krachten bewerkt een volmaakt evenwicht tussen de activiteit (het vervullen van alle opgesomde voorwaarden) en de passiviteit van het zelf (de universele krachten laten werken en zich eraan toevertrouwen) in een volledig loslaten, en volkomen overgeven van het zelf aan die krachten.

 

Als je dit juiste evenwicht vindt, zul je geen enkele vervulling in je leven missen. Er zal harmonie in je ziel zijn. Je wordt niet overactief omdat je denkt dat je alles alleen moet doen, maar ook niet te passief door je over te geven aan een onwerkelijke God buiten je in de veronderstelling dat die het werk wel voor je opknapt. Bij juist evenwicht is er volmaakte activiteit, op een rustige, ontspannen. stimulerende, harmonieuze manier. Er is echte verantwoordelijkheid van het zelf en de erkenning dat jij de meester over je leven bent, dat het aan jou is om de bodem voor te bereiden. Je hebt ook het juiste besef van waar de grenzen van je taken en krachten liggen, de nederigheid om het zelf toe te vertrouwen aan krachten die buiten jouw bereik, buiten je eigen controle liggen. Dit versterkt het zelf en zijn mogelijkheden omdat het de levenskracht gebruikt zoals dat bedoeld is. Dit houdt in dat je een juiste kennis hebt van het scheppingsproces, dat voort­durend in je en om je heen plaatsvindt.

 

Wanneer je weet dat volmaaktheid als mogelijkheid en dus als een nog niet verwerkelijkt doel bestaat, zet je het scheppingsproces op de meest schit­terende wijze in beweging. Dit weten maakt de verwezenlijking mogelijk. Deze kennis staat de scheppende krachten toe bij je binnen te komen, doordat je de muur van twijfel, angst en onwetendheid verwijdert. Er komt een moment waarop je werkelijk deze muur voelt en ervaart, en dan kun je hem wegschuiven en daarbij jezelf openen voor de schepping met zijn veelvuldige mogelijkheden. In het begin boezemt dit je angst in, wat later probeer je het een beetje uit en ga je het ervaren als de sleutel tot je zelf­verwerkelijking . Het zelf wordt verworven door verantwoordelijkheid niet uit de weg te gaan en door starre gedachten los te laten, door volledige toewijding en overgave.

 

Gewoonlijk bestaat er een omgekeerde situatie. Het zelf is lui, wil de noodzakelijke verantwoordelijkheid niet op zich nemen, wil niet doen wat gedaan moet worden om een gewenst resultaat te bereiken, om een zinvol leven te leiden. Waar activiteit zou moeten heersen, bestaat passiviteit. En in plaats van los te laten om de kosmische intelligentie zijn werk te laten doen, blijft het zelf vol wantrouwen druk bezig en raakt door zijn vasthou­denheid stevig in de knoop.

 

Wanneer de mens dit evenwicht herstelt, verdwijnen de beperkingen. De verruiming van het zelf wordt werkelijk onbegrensd. Het zelf wordt net zo grenzeloos als het universum. Deze grenzeloze mogelijkheden kun je waar maken. Dit is waarheid. Dit is geen wensdenken. Het betekent niet het zelf uit de weg gaan.

 

Als jullie mediteren, vrienden en een waar begrip omarmen om daarin onderliggende obstakels en nee-stromen te verwijderen, spreidt dit kennen van de waarheid zich geleidelijk uit van de meer naar buiten gelegen gebieden van je denken naar de diepste lagen van je wezen, zodat je ziel zich kan ontvouwen zoals een prachtige bloem zich opent voor zonne­stralen. Naarmate iedere laag doordrenkt wordt met waarheid, wordt je ziel gevoed met nieuwe levenskracht die het organisme doorstroomt. Op momenten van diep inzicht kun je dit heel goed voelen. Waar je eerst heel erg vast zat, open je je nu voor de bevrijding en het licht die altijd verschijnen waar waarheid zijn intrede doet.

 

Zijn er nog vragen? Is alles wat ik gezegd heb duidelijk?”

 

VRAAG: Ik snap het wel, maar het is me toch nog niet echt duidelijk. Dit is altijd al mijn probleem geweest en ik kan het maar niet begrijpen. Alles is bijvoorbeeld klaar gemaakt en het zaadje wordt in de aarde gelegd. Het zaad zal ontkiemen, ook als je niet bidt. Ik heb gehoord en gelezen dat planten beter opgroeien als je voor ze bidt dan wanneer je ze alleen laat. Maar als ik in mijn onbewuste zaai wat ik werkelijk wil, dan voel ik nog dat het niet kan ontkiemen. Zelfs als ik voel dat ik iets wel kan, dan voel ik diep van binnen toch nog dat het er niet uitkomt. Door mijn twijfel heb ik het gevoel dat het mij niet lukt, ook niet als ik de universele krachten te hulp roep.

 

“Om te beginnen voel jij je al een verliezer. Laat ik eerst eens uitleggen wat bidden werkelijk betekent. Het betekent dat je zowel je eigen bewuste alsook je onbewuste opvattingen, ideeën, gedachten en gevoelens weer op orde brengt. De werkelijk geïntegreerde geest zou niet hoeven te bidden of te mediteren. Iedere ademhaling zou een gebed zijn, een gebed als uitdruk­king van de gehele persoonlijkheid die in eenheid is met waarheid, liefde, doelmatigheid, schepping, met alle opbouwende, universele krachten die onophoudelijk door haar heen zouden stromen. Bidden betekent vorm geven aan een onsamenhangende massa toevallige gedachten, ideeën en tegenstrijdige gevoelens. Het betekent dat je het zelf verzadigt met waar­heid, zodat je de waarheid kent. Dan kunnen de universele krachten vanzelf door dit bewustzijn stromen.

 

Wat je twijfels betreft: het is belangrijk voor je om vast te stellen dat je bang bent om je twijfels op te geven. Onnodig te zeggen dat dit te wijten is aan een verkeerde conclusie. Maar er is een heel aparte reden voor jou om je bedreigd, ja, werkelijk in gevaar te voelen zonder die twijfel. Het is alsof twijfel een onmisbaar wapen voor je is. Door die twijfel rechtstreeks te bestrijden, zoals jij geprobeerd hebt, zul je nauwelijks kunnen slagen omdat je te bang bent om hem los te laten. Het is noodzakelijk ten eerste om vast te stellen dat je bang bent om die twijfel op te geven, en ten tweede dat je de verkeerde conclusie begrijpt die tot die angst om je twijfel op te geven leidt. Vraag jezelf in je meditaties af: “Waarom wil ik twijfelen? Wat vrees ik dat er zal gebeuren als ik die twijfel opgeef?”

 

Bovendien zal het zowel jou als al mijn vrienden helpen om te beseffen dat je je aan twijfel vasthoudt omdat je bang bent om je te verbinden. Sommige vrienden van me beginnen dit in hun persoonlijk werk te ontdekken. Maar de gehele omvang van een dergelijke angst moet, met al zijn gevolgen, diepgaand begrepen worden. Je bent bang om je te verbinden met en toe te vertrouwen aan de universele krachten (evenals aan een persoon of zaak) omdat je denkt dat je teleurgesteld zult worden; dat neem je eigenlijk al als vanzelfsprekend aan. Zo speelt het individu een spelletje met zichzelf. Hij doet alsof hij in de mogelijkheid van een gunstige uitkomst gelooft, maar hij verwacht dat niet echt. Hij twijfelt zo sterk aan een dergelijke mogelijk­heid, dat hij niet eens een kans wil wagen om het eens uit te proberen of te riskeren. Zijn twijfel betekent ‘ik doe alsof het misschien wel kan, maar ik ben er vast van overtuigd dat het niet kan. En dat wil ik niet onder ogen zien, zodat ik door kan gaan met doen alsof’. Op die manier kan de drog­reden van het ‘nee’, maar ook die van het ‘misschien wel’ nooit aangetoond worden. De persoon blijft voortdurend in een ‘tijdelijke toestand’, aan de periferie van leven en zijn. Hij komt er nooit toe om het leven ernstig te nemen, er is niets waar hij helemaal in waarheid tegenover gaat staan. Hij blijft maar een beetje met theorieën aanrommelen, in plaats van die ene beslissende stap te zetten waarmee de theorie in praktijk wordt omgezet.

 

Verbinding is de belangrijkste sleutel tot leven, tot alles en iedereen. Je zult van het leven precies zoveel krijgen als waartoe jij je verbindt. Je kunt je ertoe verbinden medewerking van de universele krachten in te roepen om je te helpen je leven te scheppen en vorm te geven; je kunt je verbinden met een onderneming, een persoon of een relatie. Het maakt niet uit waar­mee je je verbindt. Alleen als je je verbindt onder voorbehoud, altijd op je hoede zodat het ‘veilig’ blijft, zó dat je de touwtjes in handen houdt, pro­beert te sjacheren en terughoudend bent, dan geeft het leven jou mondjes­maat, met terughouding. Want het leven laat zich niet misleiden of bedrie­gen. Zoveel als je geeft, zoveel zul je terugkrijgen. Als je kortzichtig bent, denk je almaar dat het je zal lukken om daaraan voorbij te gaan. Dan houd je terug in de hoop dat het leven jou eerst goed zal belonen, en dan wil jij later misschien wel een fooitje teruggeven. Veel mensen geven soms zelfs veel meer aan anderen dan nodig of helpend is, alleen vanuit de onbewuste bedoeling het leven te kunnen bedriegen, en er zo meer uit te halen dan zij bereid zijn erin te stoppen, om zó het zich verbinden te vermijden waar dat juist noodzakelijk is. Maar zo werkt het niet, vrienden.

 

Mensen zijn bang om zich met heel hun hart te verbinden omdat ze ten onrechte geloven dat ze er hun gezond verstand, hun rechten en zelfbe­houd, hun vrijheid van keuze, hun zelfbeschikking voor op moeten geven. Dat is niet waar. Verbinding betekent integer zijn, recht op je doel afgaan, niet proberen het te ontlopen, echt gemotiveerd zijn, iets doen om de zaak zelf, zonder uitvluchten. Het is geen domme kortzichtigheid en het schept absoluut geen hulpeloosheid die misbruik uitlokt. Integendeel. Je volledig verbinden vooronderstelt een volledig bewustzijn, en dit is een voorwaarde om in vrijheid, zonder dwang, conflict of schuld te kunnen kiezen. Zelfbe­wustzijn is de sleutel tot volledig bewustzijn. Het werk moet dus beginnen met jezelf in waarheid onder ogen te durven zien, jezelf moedig te confron­teren met je meest ingeroeste emotionele reacties. Dan groeit tegelijkertijd je bewustzijn van het leven en van anderen. En met zo’n bewustzijn, met zo’n redelijkheid, visie en vrijheid van keuze wordt je verbinden geen gewaagde onderneming waarin je kans loopt jezelf te vernietigen, het is ook geen blinde dwang of drift, maar dan wordt het een schitterende ver­ruiming van het zelf, een uitreiken naar het leven en naar andere mensen, naar vervulling van het zelf en van anderen. Dat is de echte gezonde kracht die het gevolg is van geestelijke groei. Dit is zelfstandigheid die liefde en diepgaande relaties niet uitsluit. Je kunt nu zó voor jezelf zorgen dat je niemand hoeft buiten te sluiten om sterk te staan en lief te hebben, je bent zelfstandig èn leeft met een gezonde onderlinge afhankelijkheid, of het nu kosmische krachten of andere mensen betreft. Maar die verbintenis moet er eerst zijn, anders zul je je arm en leeg voelen. Is dat duidelijk?”

 

VRAAG: Ja, het is duidelijk. Eigenlijk heb ik dit al ontdekt in mijn persoon­lijk werk met betrekking tot het aangaan van verbindingen. Ik weet nu dat ik me uit angst nooit echt ergens mee verbonden heb. Nu kan ik voelen dat ik mezelf wel verbinden kan, maar ik ben zo bang dat als ik het doe en het werkt niet, dat ik me dan zó verloren zal voelen dat ik het niet durf.

 

“Kijk, dat is nu precies wat ik zei. Het is precies diezelfde reden waarom je je nooit ergens mee hebt durven verbinden. En dit is ook precies de reden waarom je je onvervuld voelt op de belangrijkste gebieden van je leven. Maar nu je dit weet, inziet en begrijpt, kun je niet alleen je kennis van deze oorzaak met dit gevolg vergroten, maar is het ook de sleutel tot een koers­verandering, naar een levenswijze waarin je je wel verbindt. Met je onge­duld ruk je al je kiemplantjes er weer uit. Je bent ongeduldig omdat je twijfelt. Je denkt veel te snel dat je moeite zinloos is en daardoor geef je jezelf niet de tijd die nodig is voor het ontkiemen, voor het innerlijke, onzichtbare, onderaardse groeien. Je moet eraan denken dat hoe ingewik­kelder een probleem is, hoe dieper de negativiteit en het conflict geworteld zijn, des te indirecter de helende krachten hun werk moeten doen, van schakel naar schakel, tot er uiteindelijk resultaat zal zijn. Wanneer je bijvoorbeeld twijfelt, moet je daar eerst over nadenken, er aandacht aan schenken, er aan werken, het oplossen en de oorzaak en het gevolg ervan begrijpen voor je het doel waar je naar streeft kunt bereiken, wat je echter juist door deze twijfel niet lukt. Als je iets heel belangrijks wilt en dit wordt door ontelbare kleine verkeerde ideeën geblokkeerd, dan zijn het die misvattingen die je één voor één moet aanpakken, anders blijven de belem­meringen bestaan en kan je werk om je doel te bereiken niet slagen. Het aanpakken van de verkeerde ideeën wordt dikwijls over het hoofd gezien en door de twijfel te bevestigen krijgen ze kans het werk te ondermijnen.

 

Nu je weet wat je zojuist hebt gezegd, kun je jezelf wel van de onredelijk­heid van het je je niet willen verbinden overtuigen. Je bent daar niet het slachtoffer van, en ook niet van je twijfel. Het is nodig dat je de gelegen­heid aangrijpt om de waarheid te ontdekken, zelfs als die waarheid datgene blijkt te zijn waar je het meest bang voor bent. Je moet de waarheid boven alles liefhebben, in plaats van de voorkeur te geven aan een ‘misschien’ en nooit echt met het leven in aanraking komen. Als je de waarheid zowel in dit als in ieder ander opzicht boven alles liefhebt, kun je ook je ongeduld loslaten. Stap voor stap ga je verder en neem je er de tijd voor, zoals de wetenschapper die geduldig en ijverig onderzoek doet zonder terug te schrikken voor inspanning, tijd, proeven, proberen en zich vergissen. Hij weet dat dit is wat hij moet doen. Hij verwacht niet dat hij in een vloek en een zucht de absolute waarheid zal ontdekken. Kom niet met het argument dat je hier al zoveel jaren mee bezig geweest bent. Dat weet ik wel. De jaren dat je ongeduldig en zonder echte toewijding aan het werk bent geweest tellen niet mee.

 

Het is de kwaliteit van een volledige verbintenis, samen met de geduldige inspanning nodig om van de ene schakel naar de andere te gaan, die resul­taten zal opleveren. Het aantal jaren of de grootte van je inspanning kan een volledige innerlijke toewijding niet vervangen. Zoals de mens het feit dat hij niets van zichzelf aan het leven wil geven vaak probeert te compen­seren door anderen meer te geven dan goed is, zo kan hij zich door zich volledig te verbinden een lange tijd van lijden, inspanning en moeite besparen.

 

De universele krachten hebben slechts één doel, en dat is streven naar heel­heid, gezondheid, ontplooiing, uitdrukking geven aan goddelijke aspecten. Hun streven is heling van misvorming, onvermogen en leegte. Als de belemmeringen te groot zijn, wordt deze zelfde kracht omgebogen en verschijnt dan tijdelijk als een destructieve, naar beneden gerichte kracht. Dit betekent niet dat er een andere, boze kracht aan het werk is. Het is één en dezelfde heilzame kracht, die gedwongen werd om van zijn eigen koers af te buigen. Dit principe van groei wordt duidelijk als je het eenmaal volledig onder ogen ziet en begrijpt. Je kunt het overal om je heen aan het werk zien. Je stelt dit groeiprincipe niet ter discussie en je wantrouwt het niet, omdat het nu eenmaal een tijd duurt voordat het zaadje een boom wordt. Met geestelijke zaken is het net zo. Probeer met deze zielsbewegin­gen te werken, met de begrippen die ik jullie heb gegeven. Denk er steeds weer aan dat je eerst je misvattingen moet ontdekken en loslaten. Probeer niet om ze met de juiste begrippen te bedekken; ontdek, vergelijk en stel eerst met je eigen denkvermogen vast wat waarheid en wat dwaling is.

 

Volledige ontplooiing en vervulling liggen voor jullie allemaal in het verschiet. Dat is je bestemming. Ieder van jullie moet vroeg of laat tot het besef komen dat het leven slechts tijdelijk is wat je denkt dat het is, en dat het uiteindelijk is wat je wéét dat het is. Dit wil zeggen dat het leven zelfs in deze aardse sfeer een onbeschrijflijk geluk in petto heeft. Als je je dit eenmaal kunt voorstellen, openbaren zich geweldige en prachtige moge­lijkheden in het leven.

Wees gezegend, liefste vrienden. Wees in vrede. Wees in God."

 

 

Deze lezing werd gegeven via Eva Pierrakos in 1973

Oorspronkelijk uitgegeven door Center for the Living Force, Phoenicia (N.Y.) onder de titel ‘The spiritual and practical Meaning of ‘Let go, let God'.

© 2002 Stichting Gemeenschap Het Pad